| Werkzame stof |
| Op de verpakking: verdund extract van
doornappel. In de homeopathie: Stramonium D30.
Ethanol 15% (g/g) Dispenseervorm: druppel.
Verpakking: 50 ml druppelflacon. Doeldieren: hond en
kat. |
| |
| Doeldier |
| Hond en kat. |
| |
| Beschrijving |
| Homeopathisch middel. De rode draad door het geneesmiddelbeeld van
Stramonium: het dier is onzeker over zijn
veiligheid, ervaart zijn overigens vertrouwde
omgeving als bedreigend. |
| |
| Indicatie |
| Hond:Het middel past bij separation anxiety.
Kat: het middel past o.a. bij het hinderlijke
sproeien. Ook de kat voelt zich alleen en onzeker,
bedreigd. Als reactie daarop kan de kat gaan
sproeien in huis. Vooral tegen de ramen, deuren,
gordijnen e.d., als er dreiging van buitenaf is,
zoals bij verhuizing of een nieuwe dominante
buurkater. Sproeien tegen pas aangeschafte
glinsterende zaken of de kleren van de nieuwe
huisgenoot. Het kan zijn, dat na een verhuizing de
eerste 3 maanden nog niet gesproeid wordt. Bij een
te grote onzekerheid toont het dier een onderdanig
gedrag en durft niet te sproeien. Dat geldt ook voor
de bij het middel passende agressie. Op de
behandeltafel zal het dier hoogstens een beetje
blazen; verder is het zo mak als een lam. De
agressie, die bij het middel past is: plotselinge,
onverwachte en zeer heftige agressiviteit
(aanvallen), zonder enige waarschuwing. Fel en
gevaarlijk. Terwijl de kat overigens heel
aanhankelijk is. Onder het motto: 'de eerste klap is
een daalder waard'. Vaak zien we bij katten, dat ook
bij het springen het inschattingsvermogen soms
faalt.
De hond is bang om alleen te zijn, vooral in
donker: onzindelijkheid, vernielzucht en
blaffen/huilen. De hond deponeert urine en/of
ontlasting in huis, steeds op dezelfde plek. De
oorzaak van deze onzekerheid is vaak een verandering
in de vertrouwde omgeving: verhuizing, verbouwing,
pension- of asielverblijf, verlies van een geliefd
persoon of dier, of een andere traumatische
ervaring. Kortom na alles dat het vertrouwde
leventje ontregelt, terwijl er sprake is van een
verminderd inschattingsvermogen. Passende symptomen
kunnen ook nog zijn: bang op straat, vooral in
donker. Terughoudendheid, achterdocht, verbazing,
weglopen/wegkruipen. Zelfs bij bekende mensen moet
telkens weer opnieuw "kennis gemaakt" worden, ook al
is dat vaak maar even; na herkenning weer zeer
vriendelijk. Er is sprake van overdreven
aanhankelijkheid: angst om in de steek gelaten te
worden. Soms kiest de hond voor de zekerheid van de
aanval: plotselinge, blinde agressie, die gevaarlijk
kan zijn. Bij een te bedreigende omgeving toont het
dier juist een onderdanig gedrag. Van agressie is
bijvoorbeeld op de behandeltafel dan ook opvallend
weinig of niets terug te vinden. |
| |
| Toediening en dosering |
| 1 x daags 5 (kat, kleine hond) - 10 (grote(re)
hond) gedurende 8 - 12 weken. |
| |
| Waarschuwingen |
| nog niet via deze pagina beschikbaar |
| |
| Overige |
Als differentiaal geneesmiddeldiagnose kunnen we
denken aan o.a.:
-
Phosphorus: hond,
niet alleen kunnen zijn, vernielzucht (slopen!),
alert, overactief.
- Tarantula: hond, niet alleen kunnen zijn,
vernielzucht (slopen!), angstig, prikkelbaar.
- Hyoscyamus: hond, niet alleen kunnen zijn,
hysterie (gillen), onzindelijkheid, geringe
vernielzucht.
- Lachesis: kat, agressie, maar dan
achterbaks.
- Sepia, Platinum metallicum: kat, sproeien,
maar dan door dominantie.
- Nux vomica, Hyoscyamus: sproeien kat, maar
dan door paniek.
|
|
|
|
|